Nieuws
Studiedag "Werkgroep voor de Geschiedenis van de Cartografie"
Thema:Kadaster
(Geplaatst 13 mei 2012)
|
|
Met dit
thema ligt het voor de hand dat de door de Werkgroep voor de Geschiedenis van
de Cartografie georganiseerde studiedag, van 25 april 2012, ditmaal in Arnhem is gehouden. In deze Kadastervestiging aan
de mr. Kleffensstraat in Arnhem, is
namelijk ook het Kadastermuseum
gevestigd, met een bezoek daaraan wordt
deze studiedag afgesloten. In volgorde van opkomst wordt hierna kort verslag
gedaan van deze zeer interessante studiedag. De inleiders – alle vier (oud)
Kadastermedewerkers - schrijven samen 170 kadastrale dienstjaren achter hun
naam. Geen gebrek aan ervaring dus. Dat wordt ook duidelijk gedurende de
boeiende inleidingen van de sprekers. Twee van hen, te weten: Hans Giesbertz en
Jan Stehouwer, zijn tevens onderzoeker/publicist bij de Stichting Huis en Veldnamenonderzoek Kwartier van Nijmegen.
De inleiding van Jan Stehouwer (landmeter en cartograaf) heeft als titel: "Het nut van de driehoeksmeting: Wat
betekenden Frisius, Snellius en Krayenhoff voor de kwaliteit van de
kartografie”. In een boeiend betoog belicht de inleider deze minder bekende taak van het Kadaster. Namelijk
het begin 19e eeuw opzetten en in
kaart brengen door de bekende landmeter / medicus / vestingbouwer Krayenhoff
(Nijmegen 1758- Nijmegen 1840) van een driehoeksnet over Nederland. Dit
driehoeksnet vormde de basis van het meten en vastleggen van de percelen.

Links Snellius en rechts Krayenhoff
Het
onderwerp van Hans Giesbertz
(landmeter / cartograaf) draagt als titel:
"Van Schepenbank tot Kadaster aan de hand van de eigendomsregistratie in
Nijmegen tussen 1650 en 1832”. De inleider weet waarover hij spreekt. Als
vrijwillig medewerker van het Regionaal Archief in Nijmegen werkt hij nauwgezet aan de registratie van de
eigenaren van de stad Nijmegen in vroeger eeuwen. Een zeer belangrijke periode
is in dit kader overbrugd, namelijk
vanaf 1650 tot aan de invoering van Kadaster in 1832. Het Regionaal
Archief beschikt thans over een aaneensluitende eigendomssituatie van de 2400
huizen die de stad Nijmegen in 1650 telde. Vanaf 1410 zo licht de inleider toe
wordt de eigendomsregistratie gehouden bij de plaatselijke Schepenbank. Tijdens
die periode zorgt de zogeheten Hopman,
samen met zijn Wijkmeesters – voor inning van de belastinggelden. Ook dan al is
eigendom het zekerste onderpand voor (onroerend- goed) belasting. Hans schetst aan de hand van originele voorbeelden van
‘Protocollen van Bezwaar’ wat er zoal werd geregistreerd:
hypotheekrechten, erfrecht en grondrente. Met prachtige voorbeelden van de desbetreffende
registers, wordt het spoor van een perceel via deze protocollen gevolgd vanaf
de registratie op de Schepenbank tot 1811 als deze wordt opgeheven. Dit is het
gevolg van de invoering van de hypotheekregisters, gevolgd in 1832 door het
Kadaster. Deze invoering danken we aan de toenmalige bezetter van Nederland:
keizer Napoleon van Frankrijk. Hans Giesbertz sluit zijn boeiende betoog af met
een praktische verwijzing naar de website van het Regionaal Archief, via welke
de bezoeker daarvan kan afdalen naar de Historische Atlas van Nijmegen, waarin
hij samen met collega’s de eigendomsregistratie van deze oudste stad van
Nederland heeft vastgelegd.
Wim
Kamphorst (landmeten en Rijksdriehoeksmeting) neemt de bezoekers mee naar de
tijd dat landmeter nog een avontuurlijk en soms zelfs een romantisch beroep
was. De titel van zijn inleiding luidt:
"Van landmeten in 1832 tot hedendaagse gegevensinwinning. De wereld van maten,
instrumenten en nauwkeurigheden”.
Zacharias
Klaasse (beleidsmedewerker bij de
Concernstaf van het Kadaster en Conservator van het Kadaster Museum) houdt op
de van hem bekend humoristische wijze een voordracht over de totstandkoming
van het Kadaster Museum, onder de titel: "200
jaar Kadastergeschiedenis en een poging tot bewaring". Thans is op de 5e
verdieping van het Kadastergebouw
in Arnhem een zeer interessante en som zelfs spectaculair te noemen
verzameling kadastrale meet-, reken-, en tekeninstrumentarium, alsmede
registers, (instructie)boeken en atlassen verzameld. Ook het materiaal van de Topografische Dienst - welke thans tot het Kadaster behoort – is
in het prachtig ingerichte Kadastermuseum te bewonderen. Bewondering en
waardering dat zijn ook de gevoelens waarmee de ruim 40 deelnemers
deze studiedag afsloten.
Jan van Eck
|
|
|



Jan Stehouwer

Cartograaf Hans Giesbertz

Landmeter in de tijd van Napoleon

|
Grensstenen Nederlandse Spoorwegen
(Geplaatst 7 mei 2012)
|
|
Nadat in 1938 de N.V. Nederlandse Spoorwegen werd
opgericht verviel bijna alle spoorweginfrastructuur van haar diverse
voorgangers aan de Nederlandse Spoorwegen. De NS werd eigenaar en beheerder van
bijna het volledige spoorwegnet van Nederland. Ook staatsspoorlijnen kwamen in
handen van de NS. De Nederlandse Spoorwegen heeft daarna de grenzen van de
eigendommen aangegeven met NS grensstenen. Deze grensstenen staan nog in heel
Nederland. Een aantal van deze grensstenen, gelegen tussen het zweefvliegveld
Malden en het station Molenhoek, hebben wij gefotografeerd.

Het Nederlandse spoorwegnet is het op twee na drukste
spoorwegnet ter wereld en het drukste in Europa. In verhouding tot de bevolking
of de lengte van het spoor is het Nederlandse spoorwegnet zelfs het drukste ter
wereld. De NS is tot op heden de grootste gebruiker van dit net. Door de privatisering is Veolia nu gebruiker van de spoorlijn Nijmegen naar Roermond.
|
|
|


|
Provinciegrenssteen tussen Gelderland en Limburg
(Geplaatst 23 april 2012)
|
|
|
Aan de Rijksweg van Nijmegen naar Mook staat deze
provinciegrenssteen in het dorp Molenhoek. Deze ronde hardstenen provinciepaal
dateert uit ca. 1900. In de rubriek Grenspalen bij het onderwerp Grensstenen vindt U een artikel over deze steen. |
|
|
Verder is er onder Links een mooie nieuwe website
toegevoegd. Deze heet: Speuren naar bosgeschiedenis. Ga mee op ontdekkingsreis
in het verleden. Ontdek het
historisch erfgoed in de bossen van de Euregio Rijn-Waal, van de Veluwe en het
Bergherbos tot over de grens in Noordrijn-Westfalen. Duizenden jaren heeft de
mens in het bos geleefd en gewerkt. Wie de sporen van dat verleden leert
herkennen, gaat het bos met heel andere ogen bekijken. |
|
|

|
Gorissen - 19 april 100 jaar geleden geboren
(Geplaatst 9 april 2012)
|
|
Friedrich Gorissen(1912-1993), de voormalige stadsarchivaris van Kleef,
tevens museumdirecteur aldaar, zette zijn naam onder ruim achthonderd grotere
en kleinere publicaties over de geschiedenis van Kleef en omgeving, maar keek
ook over grenzen heen. In de kring van historisch onderzoekers in Nijmegen is
hij een begrip: Gorissen werd hier vooral bekend vanwege de uitgave van de Stedeatlas van Nijmegen en het
baanbrekende onderzoek dat eraan vooraf ging. In 2012 wordt het honderdste
geboortejaar van de in 1993 overleden (kunst)historicus gevierd.
Friedrich Gorissen
werd op 19 april 1912 in Kleef geboren als zoon van een groentehandelaar. Door
de wekelijkse tocht naar de Nijmeegse groentemarkt op maandagmorgen leerde hij
in zijn jeugd Nijmegen kennen. Het was de rector van zijn lagere school die
zijn interesse in geschiedenis wekte met verhalen over de historie van de
Kleefse huizen en straten. Als gymnasiast op Gaesdonck kwam hij in aanraking
met archieven en raakte hij erdoor gefascineerd.
Na een afgebroken
architectuurstudie in de destijds Duitse havenstad Dantzig keerde Gorissen
terug naar Kleef, waar hij zich vanaf 1933 toelegde op het beschrijven van de
oorkonden van het Klever stift. Dit archief zou de basis vormen voor zijn
talrijke historische bijdragen. In 1938 ging hij geschiedenis studeren aan de
universiteit van Keulen. Al het jaar daarop haalde hij een mondelinge test summa cum laude. Voor zijn
promotieonderzoek richtte hij zich op de historische topografie van de stad
Kleef. De Tweede Wereldoorlog gooide echter roet in het eten: Gorissen werd in
de Wehrmacht opgenomen, naar België en het Oostfront gezonden en wist
uiteindelijk uit een Russisch krijgsgevangenenkamp te ontsnappen. Pas in 1952
zou hij promoveren.
Na de oorlog keerde
Gorissen terug naar zijn vrouw en zes zoons – later zou hij nog twee dochters
krijgen. Om de kost te verdienen ontwierp hij als architect in de naoorlogse
jaren verschillende huizen in Kleef en omgeving. Hij begon daarnaast weer
historische werken te schrijven, vooral over de historisch-geografische
ontwikkeling van Kleef en de nederzettingsgeschiedenis van de omgeving.
Gorissen sloot zich
aan bij het Gesellschaft für rheinische
Geschichtskunde en gaf namens dit genootschap in 1952 een stedeatlas uit
van Kleef, een jaar later gevolgd door een soortgelijke atlas van Kalkar. In
beide werken maakte hij aan de hand van geschreven bronnen de ruimtelijke
ontwikkeling van de steden zichtbaar. Na drie jaar intensief archiefonderzoek verscheen
in 1956 de Stedeatlas van Nijmegen.
Kon hij voor de atlas van Kleef nog uit zijn eigen manuscripten putten, voor de
Nijmeegse versie moest Gorissen bronnenmateriaal bewerken dat nooit eerder
toegankelijk was gemaakt, zoals de moeilijk leesbare Nijmeegse
schepenprotocollen. De Stedeatlas van
Nijmegen wordt nog altijd gezien als een belangrijke bijdrage aan de
stedelijke geschiedschrijving.
 
Boven en rechts:
kaarten uit de Stedeatlas Nijmegen. De kaarten geven de stad en haar omgeving
aan ca. 1830. De basis voor deze kaarten, zijn de oudste kaarten uit het
archief van het Kadaster Nijmegen, de zogenaamde minuutplans van de kadastrale
gemeenten Nijmegen, Hatert en Neeerbosch. Voor de hulp van het gebruik van de
minuutplans bedankt Gorissen in een noot de kadastermedewerker Jan ter Roller.
Ook vermeldt hij nog dat de in de tekst genoemde perceelnummers de oudste
kadasternummers zijn.
Uit zijn onderzoek
voor de Stedeatlas kwam in 1954 een
publicatie voort over Jan Maelwael en de Gebroeders van Limburg. Daarin toonde
hij aan dat de herkomst van deze wereldberoemde boekverluchters in Nijmegen
lag. Het zou de basis leggen voor de vele activiteiten die sinds 2003 in
Nijmegen plaatsvinden rondom de Gebroeders van Limburg.

Bron: Bijlage
persbericht Gemeente Nijmegen RAN 5 april 2012
|
|
|

|
Grensteen tussen Cleve en Gelre
(Geplaatst 2 april 2012)
|
|
Tussen Mook en Middelaar staat deze grenssteen bij de
Mookerplas, aan de Katerbosseweg daar waar deze weg afbuigt naar de
Lambertusweg. Deze hardstenen paal markeert de grens die bijna tot aan het
einde van de 18e eeuw heeft bestaan tussen de voormalige
hertogdommen Gelre en Kleef. Mook hoorde vanaf 1473 bij het hertogdom Kleef en
Middelaar hoorde tot het hertogdom Gelre. Deze steen kan dus al in 1473
geplaatst zijn toen Mook overging van Gelre naar Kleef. In de rubriek
Grenspalen bij het onderwerp Grensstenen vindt U een artikel over de
geschiedenis van de steen. |
|
|

|
Lithostenen bij de Topografische Dienst
(Geplaatst 26 maart 2012)
|
|
Onder Het Kadaster hebben we een nieuw onderwerp geplaatst,
namelijk de Topografische Dienst. De Topografische Dienst viel vroeger onder
het Ministerie van Defensie en is per 1 mei 2004 een onderdeel van het Kadaster
geworden. De Topografische Dienst is inmiddels volledig geïntegreerd in de
organisatie van het Kadaster. De vestingplaats Emmen is opgeheven en het
personeel werkt nu bij het Kadaster in Zwolle of Apeldoorn.
Als eerste onderwerp van de Topografische Dienst beschrijven
we de lithostenen waarmee de tekenaars / graveerders werkten. De toenmalige
graveurs maakten ware kunstwerken. Uit de vrije hand werd de kaart in
spiegelbeeld gegraveerd. Het graveren van een blad 1:50.000 vergde twee jaar.
|
|
|

|
Grensstenen aan de St. Annastraat te Nijmegen
(Geplaatst 19 maart 2012)
|
|
|




Kadasterkaart uit 1867, afkomstig uit Kadaster Arnhem.
|
Proces-Verbaal grensbepaling kadastrale gemeente Nijmegen
(Geplaatst 12 maart 2012)
|
|
Op de website is een nieuwe rubriek gezet en wel
Processen-Verbaal gemeentegrenzen. Eerst wordt er in de rubriek een algemene
beschrijving gegeven wat er te vinden is in een Proces-Verbaal van
grensbepaling. Daarna volgt de letterlijke beschrijving van het Proces-Verbaal
per kadastrale gemeente. De bedoeling is om regelmatig een Proces-Verbaal uit
het Kwartier van Nijmegen te publiceren. Vandaag zijn we begonnen met het Proces-Verbaal Nijmegen.
|
|
|

|
De meetketting van Kraijenhoff
(Geplaatst 5 maart 2012)
 |
|
Bij het Kadastermuseum, in Arnhem, is een meetketting met leren foedraal aanwezig welke Kraijenhoff in 1799 en 1800 gebruikt heeft. Een beschrijving hiervan staat onder de rubriek Driehoeksnet en het onderwerp ToenTerTijd.
De zware meetketting is van messing en heeft 20 schalmen van ca. 95 cm. In totaal is de meetketting lang 5 Rijnlandse roeden, dus 18,83679 meter. |
Kent U ze?
(Geplaatst 27 februari 2012)
Deze keer een foto uit de oude doos. Het betreft de Landmeetkundige Dienst van het Kadaster kantoor Nijmegen ca. 1960 / 1962. Meer informatie over de foto vindt U onder Het Kadaster onderwerp Kent U ze? . Herkent U personen van deze foto en heeft U er (leuke) herinneringen aan. Laat het ons weten.
|
|

|
Vervolg noodwoningen in een trein
(Geplaatst 20 februari 2012)
|
Op het artikel kwam een reactie van Rian Koedam en haar moeder. Zij hadden het artikel in De Gelderlander gelezen.
"Wat ik weet is dat mijn opa en oma vanuit het westen, naar Nijmegen zijn gekomen, omdat mijn opa bij het spoor werkte en in Nijmegen geplaatst werd. Eerst hebben ze op een voorkamertje in een klein huisje ingewoond. Mijn oudste oom is hier geboren, in 1920. Daarna zijn ze, met z’n drietjes, in een wagon terechtgekomen. Mijn oudste oom kan ons helaas niets meer vertellen.
Er was een toilet in de vorm van een emmer. Deze emmer moest uiteraard iedere dag geleegd worden en dat ging niet altijd even makkelijk. Een anekdote die ik vaak van mijn moeder hoor is dat bij de buren van mijn opa en oma, de familie Bal, het een keer flink mis ging. Iemand moest onder de wagon gaan staan en dan moest in de wagon de emmer voorzichtig los worden gemaakt en laten zakken. Dit ging mis en degene onder de wagon zat onder de inhoud van de emmer. Meneer Bal zat op het kantoor bij het spoor. Mijn opa heet Matthijs Nelis Cabout, mijn oma Elizabeth Cabout-Seele en mijn oom, later ook machinist bij de NS, Adrianus Cabout. [Zie foto rechtsboven]
Mijn andere oom is in 1926 geboren, toen woonden mijn opa en oma weer in een huis. Dus in deze periode, ’20-’26, hebben ze in de wagon gewoond, maar hoelang dat is geweest weet ik niet.”
In het bevolkingsregister van Nijmegen hebben we het volgende gevonden over de familie Cabout en Bal.
Familie M.N. Cabout-Leerling Machinist–Spoorwagen SS A65
Matthijs Nelis geb. 2 mei 1897 te Gouda gehuwd met Elizabeth Seele geb. 8 mei 1896/8 dec 1896 (mei was doorgestreept) te Nieuwerkerk aan de IJssel.
Zoon: Adrianus M.W. geb. 3 Augustus 1920 te Nijmegen.
Wonen in 1924 aan de Maasstraat 4.
Familie J.K. Ball-Schrijver N.S.-Graafsche weg woonwagen SS A65 later Spoorwagen Z27
Jacobus Kornelis geb. 20 April 1895 te Vlaardingen gehuwd met Maartje van Toor geb. 30 Mei 1899 te Vlaardingen.
Dochter: Maria Agatha geb. 22 November 1918 te Vlaardingen.
Wonen in 1924 aan de Waalstraat 35.
Ook vonden we nog twee families die woonden in deze noodwoningen.
Engels, W.H.–Remmer N.S.–Oude Nonnendaalseweg A53 Spoorw.
Hamer, J.H.X.–Remmer N.S.–Oude Nonnendaalseweg Spoorw. A55
Voor het vorige artikel zie bij Nieuws 31 december 2011.
|
|
Familie Cabout
Wonen in 1921
Familie Ernsten
|
Overlijdensregister van Nijmegen uit het jaar 1806
(Geplaatst 13 februari 2012)
Onder DOWNLOAD is een nieuw pdf-bestand geplaatst. Namelijk Nijmegen overlijden 1806.pdf. Normaal gesproken zetten we geen bestanden van overlijden op de website, maar bij de overlijdensregisters van de jaren 1806 t/m 1809 staan veel interessante gegevens. Het leest als een bevolkingsregister.
Er staan gegevens in over de woonplaats, leeftijd en familierelaties. De volledige naam van het overlijdensregister is:
Register van de aangegeven lijken binnen de stad en schependom van Nijmegen Beginnende den 1 Januari 1806
Een oud gebruik bij begrafenissen in Nijmegen was, dat er voor de baar uit een in stadskleuren geklede ‘doodenroeper of voorganger der dooden’ liep met een dorre tak.
|
|

|
Meer Herinneringen
(Geplaatst 6 februari 2012)
Op internet staat een mooie website van Marius Broos met foto’s en herinneringen aan het Kadaster met name het kantoor Breda. Zie de website Marius Broos onder Diversen en dan klikken bij Kadaster.
Zijn website gaat vooral over treinen, spoor- en tramwegen. M.C.J. (Marius) Broos is in 1952 geboren te Rupchen en woont al vele jaren in Roosendaal. Sinds 1970 is hij werkzaam bij het kadaster. Daarnaast is hij spoorweghistoricus. In zijn vrije tijd verzorgde hij velerlei publicaties over de geschiedenis van spoor- en tramwegen zowel landelijk als regionaal.
Afgelopen week kregen we een reactie van Hans Vos (oud Kadastermedewerker) op de foto van de Adspirant-tekenaars van het Kadaster in 1962. Te vinden onder Het Kadaster onderwerp Kent U ze?
Hans schrijft ons: onbekende man uit Millingen = Wim van Kesteren, mijn neef, en zoon van Hens van Kesteren, mijn peetoom. Hens was meetassistent en overleed op 47-jarige leeftijd tijdens een hartoperatie.

Op de foto staan van links naar rechts: J. te Roller (de regionale begeleider), Paul Giesbertz, Piet Ariëns, Ben van de Weem, Wim van Kesteren (hij kwam uit Millingen), Leo Bovee. Daarvoor zittend van links naar rechts: Toon Driessen (uit Afferden), Jos van de Klei, Leo Kühnen.
|
|

|
Memoires van de Boekhouder van het Kadaster
(Geplaatst 30 januari 2012)
|
Op 28 september 1951 stuurde de Boekhouder Willem van Dalen een brief van 5 kantjes naar de Bewaarder C.J. Kluvers van de Hypotheken en het Kadaster in Nijmegen. Hij stuurde deze brief omdat hij zich door hem onheus bejegend voelde.
Uit de inleiding van deze brief volgen enkele fragmenten:
"(…) Enige tijd na dit onderhoud bleek ten Departement twijfel te zijn gerezen aan de juistheid van de door mij berekende man-presentatie bij de bijwerking en vernieuwing van de kadastrale leggers. (…) Sindsdien werden door U, in overleg met de Heer Wijntjes en mij, de werkverdeling en de persoonlijke prestaties van het personeel scherp onder de loupe genomen en door de nodige correcties de productiviteit tot een maximum opgevoerd. (…) Om deze reden en ook omdat mijn persoonlijke prestaties als Boekhouder hierbij in geding zijn, meen ik goed te doen de historische gang van zaken en visie daarop in onderstaande "memoires” vast te leggen.” Deze memoires van W. van Dalen hebben wij opgenomen onder Kadaster rubriek Herinneringen.
|
|
W. van Dalen |
Peter van Call uit Nijmegen
(Geplaatst 23 januari 2012)
|
In het stedelijk museum van Dortmund, op de vierde etage afdeling vermessunggeschichte, ligt in een vitrine een "Holländischer Kreis” van Petrus à Call uit Nijmegen gemaakt in 1676. Meer staat er niet.
Wie is Peter van Call? Veel is er niet over hem bekend, wel dat hij waarschijnlijk de zoon is van Jan van Call. In het jaar 1667 ontvingen Peter van Call, zoon van Jan van Call, en Cornelis Eyckenpas 230 gulden voor werk aan het horloge op het stadhuis.
Van Jan van Call is meer bekend. Jan Backer van Kall, uurwerkmaker en landmeter, woonde in 1644 in Batenburg. In dat jaar werd hij door het bestuur van de stad Nijmegen naar hun stad gelokt, als klokkenist, uurwerkmaker en landmeter, terwijl hij bovendien de naam had, van "in andere fraye konsten ervaren” te zijn. De stad bood hem om zijn bekwaamheid en veelzijdigheid het burgerschap, het landmeterschap en een woning aan. Op 1 december 1647 werd "Jan Becker Call, hologier”, op de Nijmeegse burgerlijst ingeschreven.
Wij zijn erg benieuwd of er meer bekend is over Peter van Call. Weet U iets over hem? Laat het ons weten.
|
|

|
Equerre
(Geplaatst 16 januari 2012)
 |
|
Onder instrumenten hebben we een beschrijving geplaatst van een Equerre. Dit instrument werd vroeger gebruikt voor het maken van haakse hoeken. Om in de landmeetkunde punten en gebouwen te meten maakt men gebruik van hulplijnen waarop men haakse hoeken (loodlijnen) neemt. Om ook andere hoeken te meten werd het instrument verbeterd en dit instrument noemde men een pantometer of equerre-precies. Bij het onderwerp Veldwerken onder de rubriek kadasterkaarten is een equerre al eens zijdelings genoemd.
|
Branden in Nijmegen 1851-1881
(Geplaatst 8 januari 2012)
Onder DOWNLOAD is een nieuw pdf-bestand geplaatst. Het bestand heet: Branden in NIJMEGEN HG.pdf. Vanaf het jaar 1851 zijn er bij het Archief Nijmegen verslagen van de gemeente Nijmegen, in boekvorm, aanwezig. Hierin staan zeer veel wetenswaardigheden en feiten. Het verslag is gedaan door Burgemeester en Wethouders aan de Gemeenteraad. Het verslag heeft als titel: "Uitvoerig en beredeneerd verslag van den toestand der gemeente Nijmegen”. Hierin staan o.a. vermeld: bouwvergunningen, gezondheids-verslagen, gevangeniswezen, personeel, onderwijs, gemeente eigendommen, politie, branden en nog veel meer. Elk jaar werd een verslag gemaakt. Als voorbeeld van wat er in zo’n verslag staat wordt in dit artikel de branden weergegeven.
Door drie oud medewerkers van de Radboud Universiteit Nijmegen is een prachtige geo-wandeling uitgezet over de heuvelrug van Beek-Kranenburg-Kleef. Nog interessanter is de site die is ontwikkeld: www.geopaden.nl. Deze site toont niet alleen route, maar vertelt en toont ook over de geologie, de cultuuthistorie, de geschiedenis, enz. Deze site is onder de LINKS geplaatst.
|
|

|
|